Voeding en osteoporose: wat is het verband?

Samenvatting
Osteoporose is een aandoening waarbij het botweefsel verzwakt is, wat leidt tot een verhoogd risico op breuken. Verschillende genetische en levensstijlfactoren kunnen het risico op osteoporose beïnvloeden. Studies [1] [2] [3] hebben inderdaad een verband aangetoond tussen osteoporose en voeding, en met name bepaalde voedingsstoffen. Dit onderzoek kan helpen de symptomen van deze ziekte te voorkomen en te beperken.

Volgens de definitie van de WGO is osteoporose een gegeneraliseerde skeletaandoening die gekenmerkt wordt door een lage botdichtheid en veranderingen in de microarchitectuur van de botten, wat leidt tot een overdreven broosheid van de botten en dus een hoog risico op breuken [4].

Volgens de Nationale Gezondheidsenquête 2018 wordt 5,7% van de vrouwen in België getroffen door osteoporose [5].

Er zijn 2 soorten osteoporose: [6]

- Primaire osteoporose, die overeenkomt met postmenopauzale osteoporose en vooral vrouwen treft.

- Secundaire osteoporose, die optreedt na ziekten of behandelingen zoals diabetes, hyperthyreoïdie of langdurig gebruik van corticosteroïden.

Bot gedurende het hele leven

Bot ondergaat voortdurend een proces van vernieuwing en herstel dat remodellering van het bot wordt genoemd. Tijdens de kindertijd en het vroege leven wordt er meer botweefsel gevormd dan er afneemt. Dit verschijnsel is omgekeerd bij volwassenen boven de 45 jaar en vooral bij vrouwen na de menopauze. Er bestaat dus een risico op het ontwikkelen van osteoporose.  [1]

Het belang van calcium voor het behoud van botmassa...

99% van het calcium in het lichaam wordt opgeslagen in de botten, waardoor het een essentiële voedingsstof is voor de normale groei en ontwikkeling van het skelet. Een adequate calciuminname is vanaf jonge leeftijd van essentieel belang om een optimale piekbotmassa te bereiken en het botverlies bij het ouder worden te beperken. [2]

Talrijke epidemiologische gegevens wijzen op een positieve correlatie tussen calciuminname en botdichtheid.  Uit verschillende studies blijkt inderdaad dat calciumsupplementatie bij postmenopauzale vrouwen het botverlies met ongeveer 1% per jaar kan verminderen. [2]

Volgens de voedselconsumptiepeiling van 2014 [7] bedroeg de gemiddelde calciuminname in België 711 mg per dag voor vrouwen en 805 mg voor mannen. De aanbevolen dagelijkse calciuminname voor een volwassene ouder dan 50 is echter 950 mg (Hoge Gezondheidsraad 2016 [8]).

Melk of zuivelproducten zijn kwalitatieve bronnen van calcium die gemakkelijk door het lichaam wordten opgenomen. Andere interessante bronnen zijn groene groenten zoals broccoli, boerenkool en bokchoy, alsookof amandelen bijvoorbeeld. [2]

...maar ook andere belangrijke voedingsfactoren

De 3 belangrijkste voedingsfactoren die ook van invloed lijken te zijn op de botopbouw zijn vitamine D, vitamine K en eiwitten.

Vitamine D speelt een belangrijke rol bij de opname van calcium. Een tekort aan vitamine D kan aanzienlijk bijdragen tot osteoporose door een minder efficiënte opname van calcium in de darmen, meer botverlies, spierzwakte en een verzwakte botmicrostructuur [2]. Het wordt hoofdzakelijk in de huid gesynthetiseerd door de inwerking van zonlicht. In détie voeding is vitamine D in aanzienlijke hoeveelheden aanwezig in vis en eigeel. Bovendien kan een breed scala van met vitamine D verrijkte voedingsmiddelen, zoals granen en zuivelproducten, zorgen voor een aanzienlijke inname van vitamine D via de voeding (Hoge Gezondheidsraad 2016 [8]). 

Vitamine K is belangrijk voor de opbouw en het herstel van botten. Sommige literatuur suggereert dat vitamine K een cofactor is bij de carboxylering van vele eiwitten, waaronder osteocalcine: het meest specifieke eiwit in botten. Het zit in plantaardig voedsel zoals broccoli, sla of spinazie. [2]

Tenslotte zijn proteïnen een belangrijk bestanddeel van de minerale matrix. Eiwit speelt een belangrijke rol bij de verhoging van de intestinale calciumopname en de spiergroei, wanneer het in voldoende hoeveelheden wordt verstrekt [9]. Voorgesteld wordt een evenwicht te vinden tussen plantaardige en dierlijke eiwitten [10]. Voedingsmiddelen die rijk zijn aan dierlijke eiwitten zijn zuivelproducten, vlees, gevogelte en vis, en eieren. Plantaardige eiwitbronnen zijn peulvruchten (linzen, kidneybonen), sojaproducten, granen, noten en zaden.

En verwaarloos sportactiviteit niet

Volgens de Nationale Gezondheidsenquête 2018 [11] besteedt slechts 30% van de Belgen (18 jaar en ouder) ten minste 150 minuten per week aan ten minste matige lichaamsbeweging. Lichamelijke activiteit kan de botopbouw reguleren en de botvorming stimuleren, met inbegrip van de aangroei van mineralen, alsook de spieren versterken, het evenwicht verbeteren en zo het algemene risico op vallen en breuken verminderen.

Korte maar intensieve activiteiten zoals stevig wandelen, krachttraining en rekoefeningen worden aanbevolen. [12]

Conclusie

Een adequate inname van calcium en vitamine D moet worden gehandhaafd gedurende de kindertijd, de adolescentie en de jonge volwassenheid, en is essentieel voor een normale sterkte en dichtheid van de botten. Ook andere voedingsstoffen, zoals vitamine K en eiwitten, blijken een sleutelrol te spelen bij de botopbouw en mogen niet worden verwaarloosd, als onderdeel van een gezonde en evenwichtige voeding. .

Om de symptomen van osteoporose te voorkomen, kan men dus zowel op dieet voeding als op lichaamsbeweging ingrijpen.